lees mijn column in alliance française over hoe je in frankrijk een kenteken op je naam zet

’s Morgens om een uur of 9 in een mooi zuidfrans dorpje Moissac, bij de prefecture…

‘Bonjour Madame, ik wil een auto op mijn naam zetten’. (Ik ben voorbereid, heb van alles en nog wat bij me, want in Frankrijk schijnt alleen de zon met gemak).
Madame: ‘Wilt u dan ook even deze formulieren invullen?’ (4 stuks) ‘Allemaal? Yup, en alle 4 dezelfde! Soi, trek maar anderhalf uur uit voor deze charmante prehistorie, zegt mijn ervaring.

Een paar handkrampen later:
‘Voilà Madame’.
‘Ah, nu moet u mij een bewijs geven dat u hier in Frankrijk woont, ik zie hier op de papieren die u allemaal meeneemt alleen adres Oldeubrok staan…’.

‘Ja, dat komt omdat ik alles door laat sturen, naar Oldeubrok, want hier ben ik niet altijd he? Maison secondaire…..’
‘
Désolé’, antwoordt Madame en kijkt met een eindeverhaal blik naar de volgende klant.
‘DESOLÉ?’ Mais non, madame….ik wijk geen millimeter en na veel gerommel in mijn tas -praise la dieu- duikel ik een beduimeld formulier op. ‘Voilà madame’, het bewijs, mijn franse adres op een bejaarde energie rekening. Voordat ze over de datum iets kan zeggen, kijk ik haar vernietigend aan… en ze hapt lucht.
‘D’accord dan’, zucht ze. ‘En betalen alleen per cheque’.
‘
Pardon? Nee hoor, ik betaal contant of met een pasje’.
‘Non, alleen per cheque, u heeft een bankrekening als u hier woont, dus u heeft ook een chequeboek’.
‘Ah zo, heb ik weg gedaan, ongeveer vlak nadat we op de maan landden’.
‘Gaat u maar naar uw bank, een cheque halen’.
‘Das 15 kilometer…’Vive la France
‘Desolé’. …..

15 kilometer later, op de bank:
‘Pas de problème, Madame de Vries, kost €12,-. Welke code kan ik op de cheque zetten?’.
‘Pardon? Code? Ja weet ik veel, dit is jullie stenen tijdperk’…Bankmevrouw blaast en zucht -dit hoort bij de franse taal-, en zegt:
‘Desolé…..’.
‘Oh, nee, niks Desolé, ik ga niet 15 kilometer terug naar het andere dorp om een code te vragen, heb je heel misschien internet hier? Of kan je misschien even bellen?’ (sarcasme gaat mij in elke taal goed af)
Ze blaast, zucht, blaast en zucht tegelijk, trekt haar decolleté bruusk omhoog… en jawel, belt. Een ratelende printer spuugt even later een a4 tje van 12 euro uit,  genaamd: cheque bancaire.
‘Merci, madame’. Hop, terug naar de prefecture.
‘Bonjour, ben ik weer, voilà Madame, votre cheque’.
‘Merci, nu moet u een envelop kopen en een postzegel, de boekwinkel is in het dorp’.
‘Pardon?’
‘Envelop. Postzegel’.
‘Ja ik verstond u wel, pourqoui??’
‘Omdat ik dan het kenteken naar uw huis kan opsturen….’. (Vroeger speelden we postkantoortje, weet je nog?)

Minuut of wat later, want mij krijg je niet gek:
‘Voilà madame, een envelop en postzegel’.
Ik zie haar steelse blik op de klok van bijna 12 uur, lunch, dus bijna pauze voor een uurtje of 2. Ze kijkt me aan, ik kijk dreigend terug en onze blikken bevriezen ergens ertussen in. Tergend, alsof ze plots in slow motion wordt afgespeeld, zet ze de klus voort.
‘En straks komt er een dinosaurus die envelop dichtplakken, wedden?’ grapt Nico achter me in mijn oor…

Even later staan we buiten. We did it! Hoewel; nu nog de verzekering tackelen, …hoe is het mogelijk dat dit land überhaupt een wegennet heeft. Imagine wat daaraan vooraf ging. La France signing off & love mijn nieuwe, oude franse barrel! MV